Is er voor Robin van Galen meer dan alleen waterpolo? Je leest het in een kort interview dat we met deze nieuwe ambassadeur van de Nationale Sport Week hebben gehouden.
Bestaat er voor jou, naast waterpolo, ook een andere sport?
“Ja, ik loop hard. Tijdens mijn topsportcarrière kwam het daar te weinig van en ook in de tijd dat ik coach was, kon ik er met moeite tijd voor vrijmaken. Nu is het anders, ik loop zo vaak mogelijk, het lukt me nu beter lopen als prioriteit te stellen. Twee keer per week is wel het minimum.”
Hoe oud was je toen je kennismaakte met sport?
“Zes jaar, ik kom uit een echte waterpolofamilie, dus zo gek is het dan niet. Direct na het behalen van het ABC-tje lag ik met een bal in het water.”
Dus het zou hoe dan ook teamsport blijven?
“Ja, dat heeft nog steeds mijn voorkeur. Teamsport is top, het is en blijft leuk samen iets te bereiken, het uiterste uit elkaar te halen. Ik zie hardlopen meer als ontspanning, een manier om fit blijven.”
Waarom is sport zo belangrijk voor je?
“Sport blijft superleuk, het geeft je energie. Als coach heb ik altijd geprobeerd mensen beter te maken. Voor hen, maar ook voor mezelf. Het is een enorme kick als dat uiteindelijk tot mooie resultaten leidt. De medaille op de Olympische Spelen is daarin het hoogst haalbare, wij hebben ‘m te pakken!”
En nu dan….?
“De drive om met sport bezig te zijn is niet weg, ik richt me nu op andere dingen, talentontwikkeling bijvoorbeeld.”
Ben je nog wel lid van een sportvereniging?
“Ja, ik ben nog steeds coach bij GZC Donk. Die vereniging voelt als een soort familie, je deelt van alles met elkaar. Dat maakt dat je er bij wilt blijven horen.”
Wat is je mooiste sportervaring?
“Olympisch Goud, 21augustus 2008, Nederland-VS. De euforie van dat moment, dié overwinning! De huldiging, de felicitaties, gelukwensen van Balkenende. En het gáát maar dóór. Ik word er nog dagelijks mee geconfronteerd. Geweldig!”
In welke sport zien we Robin nog een keer terug?
“Toch weer een teamsport denk ik. Volleybal, basketbal. Alhoewel schaatsen ook super is.”
Waarom ben je ambassadeur van de Nationale Sport Week geworden?
“Omdat ik het belangrijk vind dat mensen die sporten dat ook blijven doen, of zelfs vaker gaan doen. En natuurlijk om mensen die niet sporten er toe aan te zetten wel een keer te kijken of er nu echt niets voor hen is. De Nationale Sportweek is daarvoor een mooie gelegenheid. Als ik m’n steentje daaraan kan bijdragen, doe ik dat graag.”
Vind je dat de Olympische Spelen van 2028 naar Nederland moeten komen?
“Dat zou geweldig zijn, een grotere impuls voor de sport is nauwelijks denkbaar. Als er al een moment of gelegenheid is om de sportcultuur in Nederland te veranderen, is dit dé kans!”