In een kort interview vroegen we Marco Borsato van alles over, natuurlijk, sporten. Wat is Marco's favoriete sport en waarom is hij geen professionele sporter geworden? Lezen dus!
Hoe oud was je toen je kennismaakte met sport?
“Ik zat op de lagere school en kreeg voor gym een 9-punt-zoveel. Man, wat was ik daar ziek van, ik wilde een 10! Als jochie was ik al helemaal gek van sport, ik voetbalde bij Jong Holland in Alkmaar en zwom bij de Vliegende Vissen in diezelfde stad.”
Wat is voor jou een echte kijksport?
“Voetbal, maar ook schaatsen. Sven Kramer is een vriendje van me, dus als hij aan de bak moet, zit ik in het stadion. ’s Zomers volg ik de tour. En tijdens de Spelen kijk ik wanneer ik maar kan. Of ik luister er naar.”
Ben je van de individuele- of de teamsport?
“Om te kijken maakt het me niets uit, maar om te doen beperk ik me -helaas- tot individuele sport. Ik heb zo’n onregelmatig ritme, het is gewoon niet mogelijk om op tijd bij een training of wedstrijd te verschijnen. Ik sport nu zoals het komt. Om mijn team keer op keer te laten zitten, trek ik niet.”
Waarom is sport zo belangrijk voor je?
“Vooral als je wat ouder wordt, is het belangrijk de boel een beetje te onderhouden. Een gezonde geest in een gezond lichaam. Voor mij biedt sport dé kans om de druk een beetje van de houders af te halen, te relaxen. Het lijkt soms wel of ik door inspanning het schermpje kan wissen, zo voelt het.”
Ben je lid van een sportvereniging?
“Nee, zelf niet meer, om de redenen die ik net al aangaf. Maar onze kinderen zijn het wel. Sporten bij een vereniging is belangrijk voor kinderen, al is het alleen maar om de regelmaat van trainen, met sport bezig zijn. Zelf staan ze daar minder bij stil, voor hen telt maar één ding: niets is zo leuk als sporten mét elkaar. Je ziet dat het iets in kinderen naar bovenhaalt.”
Heb je er ooit over gedroomd of gedacht professioneel sporter te worden?
“Nee, niet serieus. Hoewel ik redelijk hard kon lopen, wist ik te erkennen waar m’n talent lag. Een belangrijke manier om –op welk vlak dan ook- progressie te boeken, is je beperkingen te kennen.”
Wat is je mooiste sportervaring?
“Echte ontroering zit voor mij in de ontlading van sport. Op het moment dat een sporter een prestatie neerzet waar hij of zij jarenlang keihard voor getraind heeft, zit ik met tranen in de ogen voor de buis. Marcel, Yuri, Sven, bedankt!”
Welke sport zou je graag doen, nu of in de toekomst?
“Ik wil graag tennissen, maar heb er nu de tijd nog niet voor. Ik moet het echt nog helemaal leren, dus dat duurt allemaal nog even.”
Waarom ben je ambassadeur van de Nationale Sport Week?
“Erica Terpstra heeft me persoonlijk gevraagd en haar enthousiasme is enorm aanstekelijk. Ik vroeg haar of ik wel de aangewezen persoon was. “Tuurlijk”, lachte ze, “alles wat je met passie doet is goed.” Ik ben ambassadeur voor de watersport, ik sta dus voor alles wat met duiken, zwemmen, zeilen en roeien te maken heeft.”
Mogen de Spelen van 2028 naar Nederland komen?
“Ja, daar moeten we ons met z’n allen sterk voor maken. Ga staan, borst vooruit! Ik kan er redelijk opgewonden van raken, de Spelen in Nederland!”